De Loonse en Drunense Duinen 100 jaar beschermd!

Natuurmonumenten vierde afgelopen jaar dat zij de Loonse en Drunense Duinen al 100 jaar beschermt! In die eeuw zijn gronden aangekocht
en beheerd. Zo is voorkomen dat het net als de meeste andere stuifzandgebieden in Nederland is verdwenen onder bossen en bebouwing. Daardoor is een uniek leefgebied van planten en dieren bewaard gebleven en kunnen bezoekers al decennia lang genieten van deze Brabantse Sahara.
De eerste aankoop werd op 22 december 1921 gesloten en in de afgelopen 100 jaar groeide het uit tot de huidige 2800 hectare. “Honderd jaar geleden was er nog maar heel weinig kennis over het beheer van stuifzand”, vertelt Irma de Potter, boswachter bij Natuurmonumenten. “De eerste boswachter, Jan Peijnenburg zag al wel dat het zand niet als vanzelf bleef stuiven. Hij schreef in 1941 “Alle boschvorming zou moeten worden tegengegaan daar anders over een halve eeuw waarschijnlijk het gehele karakter van de Loonsche Duinen verdwenen zal zijn”. In 1977 bleek dat gevaar ook. Van de ruim 1000 hectare bos bestond bijna 700 hectare uit vliegdennen. Bomen die zijn uitgezaaid vanuit het omringende bos. Het stuifzand raakte steeds verder begroeid. De Potter vertelt: “Tien jaar geleden hebben we grootschalig moeten ingrijpen. Zo werd in één keer veel open ruimte gecreëerd voor de wind. De wind is onze bondgenoot, bijgestaan door een herder met een schaapskudde, om de heide vrij van boompjes te houden. Maar ook de vele vrijwilligers, die al tientallen jaren helpen om boompjes uit de heide te trekken,
helpen daarbij.”
Door het openhouden van de heide is er nog steeds een rijk insectenleven en zijn er vele heidevogels. De Loonse en Drunense Duinen zijn meer dan alleen stuifzand en heide. De oude eikenbossen zijn vaak al honderden jaren geleden aangeplant door boeren om het stuivende zand buiten hun akkers en dorpen te houden. Grootschalige aanplant van naaldhout vond vanaf het einde van de 19de eeuw plaats. Pas later zag men in dat dat geen ideale natuur is. Toen is gestart met het vergroten van de variatie aan loofbomen, meer dood hout in het bos achter te laten en meer natuurlijke  bosranden aan te leggen. Deze omvorming van bos heeft gezorgd voor de terugkeer van veel dieren. Na een herintroductie van 12 dassen leven er inmiddels weer 275 van deze  grote landroofdieren. Ook tellen we inmiddels weer vijf spechtensoorten, jagen er ’s nachts weer bos-, en ransuilen en is de boommarter terug in het gebied. Een grote uitdaging voor de toekomst is de juiste balans bewaren tussen het beschermen van de natuur en het ontvangen van steeds meer bezoekers. “Natuurmonumenten kan die druk alleen beheersen als iedereen meewerkt en de toegangsregels respecteert”, aldus de Potter. “Die regels zijn er om kwetsbare plekken te beschermen en om voldoende rust te bewaren voor de dieren in het gebied. Zo is bezoek welkom tussen zonsopkomst en zonsondergang en is het belangrijk dat men op de paden blijft . Beschermen doen we dus eigenlijk met zijn allen”, besluit de boswachter. Ter ere van dit 100-jarig jubileum is een boekje uitgebracht informatie en met routes in de duinen. Het boekje is gratis te downloaden op nm.nl/100jaar.

Tekst: Irma de Potter, Natuurmonumenten en Wilma de Jong-Verspeek, de Wegwijzer.
Foto’s: Henny Schilders, de Wegwijzer.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *