Mien en Jac Vermeer-Burgmans 60 jaar getrouwd
14 oktober 1964 was de dag dat Mien en Jac trouwden en vanaf dat moment wonen ze aan de Schoorstraat. Een zus van Jac had verkering met de broer van Mien en zo hebben ze elkaar ontmoet. Mien heeft tot haar huwelijk gewerkt als hoofd huishoudelijke dienst bij Huize Bergen in Vught. Maar zoals toen gebruikelijk was, stopte dat meteen na haar huwelijk. Een van de vele dingen waaruit blijkt dat er toen een heel andere tijdsgeest heerste.
Inwonen bij ome Harrie
Net als nu, was er toen een groot tekort aan woonruimte. Mien en Jac gingen inwonen bij ome Harrie van Jac, een boerderij aan de Schoorstraat. Vanaf dat moment was ome Harrie een vaste gast aan tafel bij alle maaltijden. 29 jaar lang totdat ome Harrie op zijn 92e is overleden. Het was al meteen de bedoeling om vóór de boerderij een nieuwe woning voor hen te bouwen. Dit gebeurde en in 1967 konden ze die betrekken, waar ze nu nog steeds wonen. Ze hebben altijd een boerderij gehad met koeien, kippen, varkens en een moestuin. Die moestuin hebben ze nog steeds en daar werkt Jac nog steeds in.
Kinderen
Ze hebben drie kinderen: een zoon, Marijn en twee dochters, Ine en Joset. Ine heeft gekozen voor een carrière buiten de agrarische sector en is directeur van een school. De andere twee, Marijn en Joset zijn wel in de agrarische sector gebleven, maar hebben beiden een heel andere weg gekozen.
Marijn is in 1993 geëmigreerd naar Canada omdat daar de mogelijkheden om te boeren veel groter waren. Met zijn vrouw vestigde hij zich in de provincie Alberta en heeft daar een bedrijf met ongeveer 700 koeien.
Joset is 23 jaar geleden in de boerderij aan de schoorstraat komen wonen en zij en haar man Mark hebben Sprankenhof opgericht: een biologische tuin, winkel en keuken, die bij velen in Udenhout en omgeving bekend zijn. Joset en Mark hebben vier zonen.
Voor Mien en Jac heel leuk dat op hetzelfde terrein op een andere wijze hun nalatenschap zo wordt voorgezet.
Het feest
Ze hebben in feite een hele feestweek gehad vertellen ze. Marijn, met zijn vrouw, drie kinderen, hun partners en hun kleinkind zijn voor het feest overgekomen uit Canada. Omdat ze op verschillende momenten arriveerden was er voortdurend een verwelkoming met gezinsleden en bijpraten en genieten van elkaar. Bijzonder om hun eerste achterkleinkind in de armen te houden.
Twee zonen van Joset verbleven ook in het buitenland en ook die waren overgekomen. Met zoveel gezinsleden in het buitenland was de aanwezigheid van iedereen een unicum en dat bracht misschien wel het grootste feestgevoel voor Mien en Jac met zich mee.
Natuurlijk is er ook nog een feest geweest. Samen met overige familieleden en goede vrienden hebben ze een feestelijke lunch gehad op zondag 13 oktober in het witte kasteel in Loon op Zand. Met buurtgenoten hadden ze bij Sprankenhof op dinsdag 16 oktober nog een genoeglijke avond. Omdat ik een van die buurtgenoten ben kan ik met recht zeggen dat we een gezellige avond hebben gehad.
De Wegwijzer wenst Mien en Jac nog veel gelukkige jaren samen.
Tekst: Wilma de Jong-Verspeek, de Wegwijzer
Foto’s: Henny Schilders, de Wegwijzer



Starten waar de energie zit

Van Dana en Bram leer ik dat schapen met een herder in Nederland meestal niet voor de wol of het vlees gehouden worden, zoals in andere landen. Schapen worden ingezet als begrazers van natuurgebieden in opdracht van bijvoorbeeld Natuurmonumenten, Brabants Landschap, de Gemeente Tilburg. De schapen houden het natuurgebied open. Bram en Dana lopen op dit moment als ZZP-er in opdracht van De Lachende Ooi met ongeveer 250 schapen op de Cartierheide bij Hapert (Bram), en op de Lanschotse heide bij Middelbeers (Dana). De omgang met de dieren is volgens Dana en Bram in ieder land anders. In Engeland bijvoorbeeld worden de schapen niet permanent begeleid door een herder. Op gezette tijden rijdt daar een herder op een quad door de natuurgebieden voor een snelle controle.
‘s Morgens voor half 8 zijn Bram en Dana bij hun kudde en laten ze de schapen vrij uit het zogenaamde nachtraster. Daarbij kunnen ze de dieren een voor een controleren. (Dat was vooral afgelopen zomermaanden belangrijk, toen de kuddes geraakt werden door het blauwtongvirus). Vervolgens gaan de schapen met de schaapherder de hei op. De herder kan daarbij niet zonder de hulp van de herdershond. Schaapherders zijn dan ook erg zuinig op hun honden. De honden leggen soms wel afstanden af van 40 kilometer per dag!
Jan van Groenendaal is thans 88, maar hij vertelt nog altijd met trots hoe zijn vader 80 jaar geleden de Duitsers regelmatig te slim af is geweest. Jan woonde met zijn ouders, broer en vijf zussen op het eind van de oorlog in een langgevelboerderij aan de Houtsestraat, vlakbij de Loonse Molenstraat.




Gedurende de oorlog èn daarna woonde Lies Kuypers “op de Zandkant”. Ze was een dochter van Nol Kuypers en op het einde van de oorlog elf jaar. Ze had drie oudere broers en drie jongere zussen. “Er stonden in onze buurt maar een paar huizen”, zegt Lies, “o.a. van twee broers van mijn vader, ome Kees en ome Geert. Het was daar aan de rand van de duinen erg rustig en iedereen dacht dat we daar wel veilig zaten, omdat we daar zo eenzaam woonden”.
Het was natuurlijk spannend hoe ze hun huis aan zouden treffen. Dat viel gelukkig erg mee, maar er waren wel veel andere huizen en boerderijen aan de duinrand kapot geschoten en afgebrand. Nòg erger was, dat een buurman, Frenske Langenberg, bleek te zijn doodgeschoten. Frenske was, als een van de weinigen in de Zandkant, niet gevlucht toen de Duitsers kwamen. Waarschijnlijk zal hij zich wel in zijn huis hebben verschanst. Hij was ongeveer 65 jaar, vrijgezel en hij woonde daar samen met zijn zus.
Inmiddels zijn de dames op leeftijd. Marietje Vermeer is lid van de vereniging vanaf het eerste uur en tevens het oudste lid. Zij is 95 jaar. Het jongste lid is 63. Gemiddeld zijn de dames 80 jaar. Maar er wordt nog altijd enthousiast gedanst onder leiding van Annie Heuvelmans en Francy Verspeek. Van de klompendans tot line dance, er wordt zelfs gedanst op “de Engelbewaarder”. Lichaam en geest worden iedere week goed getraind. Ieder jaar wordt het seizoen afgesloten met een gezellig jaaruitje en tijdens de vrije zomermaanden wordt er samen koffie gedronken en, voor wie dat kan, een rondje gefietst. Er is jammer genoeg geen jonge aanwas meer. Sinds Coronatijd zijn er nauwelijks nog optredens geweest. “Want als we optreden willen we wel netjes voor de dag komen”, aldus Joke. Het plezier, de gezelligheid en saamhorigheid zijn er niet minder om.