Herman Rooney onderscheiden tijdens jubileum BCU
Op 26 oktober werd het 40 jarig jubileum van Bridge Club Udenhout gevierd. Vrijwel iedereen van de 90 clubleden was aanwezig tijdens een feestelijke en verrassende middag in ‘t Plein. Het begon al met burgemeester Theo Weterings die, direct na het openingswoord van voorzitter Huub Hannen, de zaal kwam binnen stappen. De burgemeester kwam niet mee bridgen en hij kwam ook niet primair voor de jubilerende club.
Toen de gordijnen van het podium open schoven, bleek al snel wat de reden was van de komst van de heer Weterings. Op het podium had zich, muisstil voor de BCU-leden in de zaal, een 25 tal mensen opgesteld. Ze waren allemaal familie, vriend of goede kennis van Herman Rooney, die zelf in de zaal zat en verbluft het schouwspel op de Bühne bekeek. Dat duurde maar kort. Herman werd gevraagd naar voren te komen, waarna de burgemeester er voor zorgde dat hij het middelpunt werd van de feestelijkheden.
In zijn toespraak benoemde de heer Weterings niet alleen de vele en langdurige verdiensten van de heer Rooney voor BCU. Uitvoerig werd ook stil gestaan bij de grote betekenis die Herman heeft of heeft gehad voor de golfsport (Golfvereniging Dongen/‘t Vossenhol), de biljartsport (het Udenhoutse KTK) en voor de ‘Hulpcentrale Udenhout/Berkel-Enschot’.
Voor al zijn verdiensten werd de heer Rooney benoemd tot lid in de Orde van Oranje Nassau. Daar was heel BCU het van harte mee eens, want spontaan werd massaal het ‘Lang zal hij leven’ ingezet.
Voorzitter Hannen sloot zich graag bij deze huldeblijken aan, waarna hij vervolgde met een korte bloemlezing uit de geschiedenis van BCU. Daaruit bleek dat de club een beetje sjoemelt met zijn / haar leeftijd. Op 1 december 1983 werden namelijk al de eerste leden ingeschreven, maar eind oktober 1984 werd de club pas officieel opgericht. Tja, zo blijf je wel jong…
BCU had achtereenvolgens zijn/haar thuishonk in het Zolderke, ‘t Centrum en ‘t Plein. Met name in de periode van de overgang van Zolderke naar Centrum kende de club een enorme bloei qua ledental. Er waren toen maar liefst zo’n 200 mensen in ons dorp, die bridgen in clubverband beoefenden.
“Veertig jaar geleden lag de gemiddelde leeftijd van de clubleden ergens in de 30,” vertelt Huub “en nu is dat gestegen naar zo’n 73 jaar. Maar toch zijn we een actieve en levendige club gebleven. Leeftijd is immers slechts een getal.”
Die laatste zin werd ook uitgesproken bij de huldiging van de 83-jarige, nog altijd super actieve, kersverse decorandus Herman.“Bridgen houdt ons immers jong,” zegt voorzitter Huub. En om dat te benadrukken zet hij het jongste èn het oudste lid van zijn jubilerende club in de bloemen.
Hoe ging het de rest van de feestmiddag?
Natuurlijk is er bij BCU geen echte feestmiddag als er ook niet gebridged wordt. En dat gebeurde dan ook. Maar tussendoor vond er nòg van alles plaats; van een walking dinner tot muziek. Leeftijd is immers slechts een getal voor een actieve, levendige club.
Tekst: Jan de Kort, De Wegwijzer
Foto’s: Fotografie Simone, namens De Wegwijzer





Riet Beerens woonde tijdens de bevrijding op “’t Voorste Winkel”. Het buurtschap, dat nu bij Biezenmortel hoort, maakte 80 jaar geleden deel uit van Udenhout. Gelukkig was het er in het algemeen rustig gedurende de oorlog. En er was ook geen reden om aan te nemen dat er bij de bevrijding gevaarlijke dingen zouden gebeuren. Toch liep dat bijna anders.
Het is bijna onbegonnen werk om de vrijwilligers die heel veel voor de gemeenschap doen op een bijzondere manier te bedanken, de waardering te laten voelen. Deze gouden speld is daar dus voor in het leven geroepen.

Ze hebben in feite een hele feestweek gehad vertellen ze. Marijn, met zijn vrouw, drie kinderen, hun partners en hun kleinkind zijn voor het feest overgekomen uit Canada. Omdat ze op verschillende momenten arriveerden was er voortdurend een verwelkoming met gezinsleden en bijpraten en genieten van elkaar. Bijzonder om hun eerste achterkleinkind in de armen te houden.
Starten waar de energie zit

Van Dana en Bram leer ik dat schapen met een herder in Nederland meestal niet voor de wol of het vlees gehouden worden, zoals in andere landen. Schapen worden ingezet als begrazers van natuurgebieden in opdracht van bijvoorbeeld Natuurmonumenten, Brabants Landschap, de Gemeente Tilburg. De schapen houden het natuurgebied open. Bram en Dana lopen op dit moment als ZZP-er in opdracht van De Lachende Ooi met ongeveer 250 schapen op de Cartierheide bij Hapert (Bram), en op de Lanschotse heide bij Middelbeers (Dana). De omgang met de dieren is volgens Dana en Bram in ieder land anders. In Engeland bijvoorbeeld worden de schapen niet permanent begeleid door een herder. Op gezette tijden rijdt daar een herder op een quad door de natuurgebieden voor een snelle controle.
‘s Morgens voor half 8 zijn Bram en Dana bij hun kudde en laten ze de schapen vrij uit het zogenaamde nachtraster. Daarbij kunnen ze de dieren een voor een controleren. (Dat was vooral afgelopen zomermaanden belangrijk, toen de kuddes geraakt werden door het blauwtongvirus). Vervolgens gaan de schapen met de schaapherder de hei op. De herder kan daarbij niet zonder de hulp van de herdershond. Schaapherders zijn dan ook erg zuinig op hun honden. De honden leggen soms wel afstanden af van 40 kilometer per dag!
Jan van Groenendaal is thans 88, maar hij vertelt nog altijd met trots hoe zijn vader 80 jaar geleden de Duitsers regelmatig te slim af is geweest. Jan woonde met zijn ouders, broer en vijf zussen op het eind van de oorlog in een langgevelboerderij aan de Houtsestraat, vlakbij de Loonse Molenstraat.